MIDDEN - DELFLAND

MIDDEN - DELFLAND
IN BEELD

  [Start] [Agenda] [Nieuws] [Plattegrond]

 

Start van de Zomer

21 juni is het begin van de zomer, zo hebben wij allemaal geleerd. Soms begint die met een flinke achterstand (zoals in 2000) en soms lijkt het al heel lang "zomer" (zoals in 2003). Medio juni wordt altijd abrupt een einde gemaakt aan veel flora: in deze periode zijn of worden alle weilanden, dijken en slootkanten gemaaid. De goede kant hiervan is wel dat andere planten, de zomer- en najaarsbloeiers, ook een kans krijgen. En, het gemaaide gras is natuurlijk welkom als veevoer voor de winter.

In deze periode worden ook de in het voorlaar geboren jonge vogels groot genoeg om met de ouders mee te vliegen naar de plaatsen waar voedsel is te vinden. Voor de Lepelaar betekent dat Midden-Delfland: o.a. bij 't Woudt zijn ondiepe slootjes te vinden met heerlijke vis. Op een nog vroege ochtend op de 21 juni 2003 kon je dan plotseling een Lepelaarsjong tegenkomen dat verwachtingsvol smeekt om nóg een hapje. Het lekkerste hapje van de Lepelaar is het Drie-doornige stekelbaarsje dat veel voorkomt in de sloten van Midden-Delfland. De Lepelaars komen in Midden-Delfland om te foerageren; broeden doen ze meer naar het zuiden in Zuid-Holland: Quackjeswater.

Teveel licht en voedsel in het water heeft nogal eens het gevolg dat de groei van algen explodeert. Zo ook in de polderslootjes langs de Oostgaag. Naast deze algen valt ook nog een andere opvallende object te zien. Of dit wortel zal schieten valt zeer te betwijfelen. Op de voorgrond, links, nog net de Smeerwortel.

De Mattenbies (Scirpus lacustris ssp. lacustris) is ook vaak aan de waterkant te zien. Vroeger werd deze plant gebruikt voor het matten van biezenstoelen. De bloemen staan in aren en bloeien van mei tot juli.

De Kale jonker (Cirsum palustre) is een twee jarige plant die tot 150 cm hoog kan worden. Hij komt vooral voor op natte weiden en moerassen, zoals hier langs de Vlaardingsevaart. De stengels zijn onregelmatig gestekeld en roodachtig. De bladeren zijn smal, lancetvormig. De bloemen zijn roze-violet en lijken op die van b.v. de Akkerdistel. Bloeitijd juni tot september.

De Kleine Lisdodde (Typha angustifolia), links, en Grote lisdodde (Typha latifolia), rechts, zijn overblijvende waterplanten, tot drie meter hoog, met een kruipende wortelstok. De smalle opgerichte bladeren zijn smaller bij de Kleine lisdodde. De planten bloeien met twee cilindervormige bruine kolfdelen. Het onderste dikkere deel heeft vrouwelijke bloemen; het bovenste deel met de mannelijke bloemen. Bloeitijd juli en augustus.

De Grote watereppe (Sium latifolium) behoort tot de schermbloemen familie. De grote, overblijvende plant (60 cm - 1,40 meter) groeit in en aan zoetwater. De stengel is kantig en gegroefd. Het blad is geveerd met ongeveer vijf blaadjes. Witte bloemschermen, 6 tot 10 centimeter breed en 15 tot 30 stralen. De vrucht is eivormig, geribd met korte stijl. Bloeitijd juni tot september.

Veel fietsers en wandelaars zullen vooral in de zomerperiode opkijken naar het mooie "grasdak" van hovenier P. v.d. Eijk, aan de Tramkade tussen Den Hoorn en Schipluiden. De gele bloemetje heten Muurpeper (Sedum acre).  Zij blijven laag bij de grond en kunnen goed tegen droogte. Bloeitijd juni tot juli.

De Grote brandnetel (Urtica dioica) en de Kleine brandnetel (Urtica urens) horen tot de familie netelachtigen. De Grote brandnetel is een overblijvende, tweehuizige plant, tot 150 cm hoog met een kruipende wortelstok. De mannelijke en vrouwelijke bloeiwijze is verschillend: de mannelijke is staand, de vrouwelijke is pluimvormig, knikkend en langer dan de mannelijke. De Kleine brandnetel is eenhuizig en 10-40 cm hoog. Beide soorten hebben over de hele plant brandharen die bij aanraking fel branden.

Het Jacobskruiskruid (Senecio jacobea) is een overblijvende of tweejarige plant, tot 1 m hoog. Alleen van boven is de stengel vertakt. De onderste bladeren zijn geveerd. De stengelbladeren zijn kleiner en getand. De gele bloemen bloeien zijn pluimvormig. De plant is zeer giftig en boeren proberen deze plant zoveel mogelijk te weren uit de weilanden. Het gif verzamelt zich in de dieren, die daaraan sterven als er teveel van is gegeten. Bloeitijd juni tot september.

De Zeegroene Muur (Stellaria Palustris) is evenals de Vogelmuur soorten lid van de Anjerfamilie. Deze plant komt vooral voor op vochtige plaatsen. De plant is middelgroot en heeft een kale stengel. De bloemen zijn 12-18 mm groot en de vijf kroonbladeren zijn tot aan de voet ingesneden. Bloeitijd mei - juli.

Op de foto staat de plant tussen het riet langs de Vlaardingsevaart in het de moeraslandjes.

13 augustus 2014